get password

“Pakhoed, goedemorgen, waarmee kan ik u helpen?” “U spreekt met Jan,

we hebben Pakhuis Wilhelmina gekraakt”

25 JUNI 1988
werd Pakhuis Wilehima door
een handje vol kunstenaars gekraagt.
— Harm, Jack, Juriaan, Hilde — Ondersteund door de nodige ‘beroeps krakers’. Helaas zijn Hilde en Jack veel te vroeg overleden.
Harm en Jurriaan vertellen hier hun verhaal. Samen met 7 van de andere kunstenaars die in de weken daarna de eerste stappen gezet hebben om gemeenschappelijk de 3 enorme lege verdiepingen in gebruik te nemen en een basis neer te zetten waar momenteel meer dan
100 kunstenaars hun plek hebben gevonden.

illustratie: femke van Heerikhuizen
photos: mark van de Brink

HARM

In Wilhelmina sinds: 25 JUNI 1988

“Jack en ik zaten in een pand op de rozengracht dat ontruimd werd. We waren op zoek naar een nieuwe plek. We zijn eerst ook nog binnen geweest in het lege vrieshuis verderop op de kade, maar

dat was een lastig pand.”

Een groep uit de kraakbeweging van het KNSM ijland hielp tijdens de goed voorbereide actie. Deuren werden gebaricadeerd, de lift werd dichtgelast. De politie in Amsterdam was druk bezig met de voetbalwedstrijd. Maar 13 juli zou het nederlands elftal zou voor de huldiging op de kop van het java-eiland afmeren.

Het het vooruitzicht van de hele buurt vol met politie... gelukkig werd dat verplaatst.

Het eerste wat we gedaan hebben is de buren om
ons heen gerust stellen. Er waren een aantal andere gebruikers in het gebouw en bootbewoners aan de kade. De bootbewoners konden onze stroom gebruiken.
zo werden we vrienden. En contact zoeken met de eigenaar.

We wilden dat het uitsluitend een atelier pand zou worden. Een deel van de mensen die kwamen om te helpen, bleven hangen, bleven kamperen. Dat werkte als een magneet op een moeilijk controleerbare bevolking van het gebouw. Sommige mensen namen naar eigen inzicht gedeeltes in gebruik. Maar er waren bijna geen tussenwanden, dus echt anoniem waren ze ook niet.

We dachten dat het om 1 verdieping ging, maar dat bleken er 3 te zijn. Eingelijk waren we met te weinig om zo’n groot gebouw enigszins gecontroleerd te vullen. Er was een, nog steeds kleine, maar groeiende kerngroep, met onder anderen Carolien, die het gaande weg gelukt is om het de gewenste kant op te sturen.

Vo?o?r de kraak hebben we pakhoed al benaderd om Wilhelmina te huren maar dat liep op niks uit. Direct na de kraak hebben we veel energie in dat contact gestoken en zijn we redelijk snel tot overeenstemming met de eigenaar gekomen. De huur zou fl. 17.50 /m2 worden. Heel goedkoop, zou je denken. Toen bleek dat anderen in het pand eigenlijk helemaal niks wilden betalen, zijn we behoorlijk geflipt ... Die huur is er toch gekomen.

Voor onze deur, op de kade woonde een engelsman in een caravan ... tussen de rails maakten we vuurtjes..
2 gebouwen verderop woonde een groep alcoholisten en ergens anders een groep junks. De buurt werd enigszins schoongeveegd toen Sail voor de deur gehouden werd 

JURRIAAN VAN HALL

In Wilhelmina sinds:

JUNI 1988

Atelier is later door Juul van den Heuvel overgenomen.

Waar was je op 25 juni ‘88 :
“Op 25 juni ‘88 was ik met de kopploeg in Pakhuis Wilhelmina. Enige tijd voordat de kraak daadwerkelijk plaats vondt, werd ik benaderd voor Harm Hajonides en Jack Hannigan (?),
die als afwassers bijklusten in ‘Burgers Patio’ in de Jordaan. We kenden elkaar van de Rietveld academie, zelf kluste in bij in Cafe? de Tuin,
daar recht tegenover.”

In fluisterende, vaak schimmige gesprekken werden de eerste plannen besproken om het al jaren leegstaande Pakhuis Wilhelmina aan de Oosterlijk Handelskade
te kraken. Als academie verlaters tijdens de crisis waren we naarstig op zoek naar geschikte werkruimte. Na gedegen veldonderzoek en met medewerking van de krakersbeweging Oostelijke eilanden werd een

plan gesmeed om de gok te wagen en het Pakhuis op strategische wijze te kraken.

De winst van het EK kwam als een welkome verrassing waardoor onze plannen in een stroomversnelling raakten. Ik zie ons no?g lopen, in een lange stille stoet vanaf het KNSM eiland, tot in de puntjes voorbereidt, met behalve de stormtroepen ook een legertje

aan experts op het gebied van hang en sluitwerk, lastechnieken en wat dies meer zij.

Om commotie te voorkomen en de politie - die logischerwijs druk doende was met de inhuldiging- niet alarmeren, was besloten om direct omwonenden, waaronder de binnenschippers, op vriendschappelijke wijze te benaderen, koffie te serveren, gerust te stellen.

Aanvankelijk dachten we dat alleen de eerste etage leegstond, zo’n 1200 m2. Eenmaal binnen bleek het om 5000m2 (!) te gaan.

De eerste dagen en nachten waren heel spannend.
Met de honkbalknuppel in de slaapzak wachtten wij een mogelijke tegenactie van een knokploeg af. Naast bewaking en lopende zaken werd het mijn taak om ook de onderhandelingen met de eigenaar te voeren.

Niet dat het enige rechtsgeldigheid had, maar die eerste gesprekken zijn toen met een verknutselde telefoon opgenomen.

“Pakhoed, goedemorgen, waarmee kan ik u helpen?” “U spreekt met Jan, we hebben Pakhuis Wilhelmina gekraakt”

Gemoffel aan de telefoon, doorverbindingen, paniek aan de andere kant van de lijn.

Uiteindelijk is een meneer van Pakhoed komen praten, de arme man was alleen gekomen en stond te trillen
op zijn benen toen we hem eenmaal binnen lieten. Met terugwerkende kracht heb ik daar nog weleens gevoelens van medelijden bij.

Vrijwel gelijk met de kraak werd met Kraakpand aan
de Conradstraat ontruimd, waardoor er een enorme toestroom was van mensen die direct onderdak zochten.

Het oostelijk havengebied was in die tijd een bonte verzameling van stadsnomaden, bootbewoners, met recht een vrijstaat. ‘Het einde van de wereld’ was onze vaste kantine, waar de hele zooi kwam eten, de koks waren zwaarlijvige, heftig getatoee?erde en gepiercede, zwetende woestelingen. De “Bus Bar” op het KNSM eiland bestond uit twee op elkaar gestapelde touringcars, die bestierd werden door wonderlijke types.

De rest is geschiedenis, maar wat was het bijzonder toen!!

Aanvulling:
— Wat me vooral bij is gebleven is de pregnante geur

van cacao, die in het pand hing.
— Al snel wisten we de eigenaar ervan te overtuigen dat

ze wettelijk verplicht waren de aansluitingen op gas,

elektra en water te herstellen.
— Die eerste maanden heb ik met Harm alle ruimtes op

de eerste etage voorzien van leidingen radiatoren, die

we vonden door de stad af te struinen bij grofvuil. — Was meteen een cursus loodgieten voor Dummies... — Er waren ook afhakers die de druk, angst en

onzekerheid niet konden verdragen, maar dat later

spijt van kregen.
— We hoopten het er minstens drie maanden uit te

houden, inmiddels zijn we dertig jaar verder... — De legendarische bestuursvergaderingen, waar

met de moed der wanhoop werd getracht honderd eigenzinnige individuen op een lijn te krijgen zal ik niet snel vergeten.

— Last but not least : de feesten en tentoonstellingen in die eerste jaren : rauw, ruw, overweldigend.

Ik kan eindeloos doorgaan,
zal het je besparen besparen ;-) 

CAROLIEN FELDBRUGGE

In Wilhelmina sinds:

JUNI 1988

“Toen ik voor het eerst het Pakhuis Wilhelmina binnen kwam zag ik een heel mooi charmant gebouw met robuuste vloerbalken gesteund door de gietijzeren pilaren. Daarin vele wonderlijke ruimten opgebouwd uit gasbetonblokken. De zolders waren immense open ruimten. Op plekken waar vroeger de laaddeuren hadden gezeten waren op de eerste 2 etages moderne ramen geplaatst, om dat het Pakhuis een tijd gebruikt is geweest voor kunstopslag van de BKR, de Beeldende Kunstenaars Regeling, die nu niet meer bestaat. Eindelijk was ik aangeland waar ik wilde wezen.”

Het gezamenlijk belang:

Bij binnenkomst, ofwel als je was toegelaten, werd een verplichte geldsom per maand gevraagd om een collectieve bouwpot te realiseren en daarmee commitment aan de community te onderschrijven. Want men wilde absoluut geen individuele free-riders in het pand toelaten. De eerste zomer is enorm veel vergaderd over wie waar kon neerstrijken, want dat stond nog niet vast. En ook hoe we het gebouw zouden gaan verwarmen, want het najaar was alweer aanstaande.

Optie zelf met hout-, of oliekachels te gaan klungelen werd afgewezen als zijnde te brandgevaarlijk in dit Pakhuis met houten vloeren en dak. We dachten dat de kans groot was dat het gebouw zo, binnen twee jaar zou afbranden door onoordeelkundig individueel gestook. Daarmee werd ook het idee van aardgaskachels verworpen, want hoe zouden men hun rookgassen dan moeten afvoeren?

Daarom werd besloten de 2 oude CV’s en blowerkachels op zolder weer aan de praat proberen te krijgen. Dat was een groot project: op veel plaatsen waren de dikwandige leidingen kapot gevroren, alle radiatoren waren verdwenen en de waterpomp van de grootste ketel was kapot. Een loodgieter adviseerde de leidingen eerst te dichten met schroefdopjes,

en de lekkages te repareren om het circuit op waterdruk
te kunnen zetten en de ketel te testen. Toen die ketels nog bleken te werken konden we overal radiatoren zoeken: langs de weg bij de sloop etc etc. Ik ben nog nooit zo vaak bij Vimeta geweest voor onderdelen en advies als in die tijd.

Toen dat plan eenmaal gerealiseerd was had het geen enkele zin meer om individueel toch eigenwijs met een houtkachel aan de gang te gaan, want iedereen moest toen verplicht gaan meebetalen voor het gas van de collectieve verwarmingssystemen.

Daarnaast hebben we ook afgesproken dat er overal waar kon, doorlopende gangen zouden blijven waardoor er in geval van brand je altijd kon kiezen tussen twee (nood)uitgangen. Dus dat men niet door brand kon worden ingesloten.

Vooral het maken van deze verwarmingssystemen heeft heel veel inspanning gekost, maar het was de moeite waard, omdat er een band ontstond tussen de aanpakkers. En natuurlijk dat het gebouw een overzichtelijke en veilige verwarming kreeg. No?g belangrijker was het feit dat het gebouw als collecti?ef verwarmd werd, er kon op die manier per vierkante meters stookkosten in rekening worden gebracht. Dit kwam bovenop de maandelijkse bijdrage die al was afgesproken voor de bouwpot. Zo stevenden wij af op een vierkante meterprijs per atelier waar alle kosten naar rato waren inbegrepen.

Later begreep ik dat door deze keuzen en de gegeven situatie in het gebouw er voldoende gemeenschappelijk belang was om het Pakhuis op een haalbare wijze een nieuwe functie te geven, de onze, en we haar in de toekomst voor sloop zouden kunnen behoeden door het gebouw aan te kopen:

— Van af het aller eerste begin iedereen de verplichte bouwpot-bijdrage te vragen,

— Voor e?e?n collectief verwarmingssysteem te kiezen, — Er was slechts e?e?n ingang, waardoor ‘jouw deur ook

mijn deur’ was. (De ruimten aan het maaiveld en het architectengedeelte waren al verhuurd aan andere bedrijven.)

— Ee?n gezamenlijke gasmeter,
— Ee?n gezamenlijke elektrameter.

Dit waren de parameters waardoor het gebouw zich zelf kon organiseren langs de lijn van het gezamenlijk belang.

Daarna volgden:
— Ee?n vierkantemeter prijs, en de bijbehorende centrale

administratie.
— Heldere afspraken en overeenkomsten, daardoor weinig

huurderving.
— Verstandig financieel beheer, met o.a .bouw-reserven om

een toekomstig plan voor het pand te kunnen financieren. — Daardoor konden we ook bij een bank aankloppen.

Immers als je minder nodig hebt dan de waarde van het pand zelf, is het voor een bank toch praktisch zonder risico om een hypotheek te verschaffen.

Vandaar dat ik mij heb ingespannen om dit fantastische-
en duurzame gebouw voor de toekomst veilig te stellen. Vanuit ons perspectief moest het mogelijk zijn, maar voor
de gemeente was dat een hele lange tijd totaal niet het geval, zelfs niet nadat de gemeenteraad het al had besloten bleef het Grondbedrijf ons plan maar traineren en onmogelijk maken.

Als je meer wil weten van mijn avonturen en botom-up projectrealisatie kun je het boek ‘Make your city’, van Eva de Klerk, Carolien Feldbrugge en Joost Zonneveld (dec.2017) kopen.

Dat boek gaat, naast de NDSM, ook over Pakhuis Wilhelmina omdat het model heeft gestaan voor de NDSM- werf, Kinetisch Noord.

De rode draad is de doorontwikkeling van de stadsontwikkelingstheorie ‘Stad als casco’. Om destijds Wilhelmina in een groter politiek perspectief te zetten, heb ik van begin af aan deze stadsontwikkelingstheorie in de denktank ‘Podium werken aan het IJ’ mee-ontwikkeld.

Deze theorie is toen der tijd al gepubliceerd in ‘Het Kerend Tij’, in opdracht van het ‘Gilde van werkgebouwen aan het IJ’ 1997 waar ik ook bestuurslid van was.

In dit nieuwe boek ‘Make your city’ hebben we geprobeerd, naast de avonturen van Eva, de “stad als Casco-theorie’ meer naar de praktijk te vertalen, en onze verdere nieuwe ontdekkingen, ervaringen en parameters daaraan toe te voegen. Want ook in deze- en toekomstige tijd zullen er idealistische youngsters zijn die er niet vies van zijn om een ambitieus bottom-up ontwikkelingsproject aan te pakken.

Make your City:
ISBN 978-94-92095-41-1
€ 22,50 ook on-line te koop.

LINDA VAN BOVEN

In Wilhelmina sinds:

2 JULI 1988

Waar was je op 25 juni ‘88 :
“Bij Vincent de Boer op de Oudezijds het feestende massa aan het bekijken.”

Wat trof je aan:
“Het pand was donker en geur van cacao hing er. Er lagen ook overal bonen. De etages waren enorm met enkele muren en grote zware massieve ijzeren deuren.
Om het pand te bewaken sliep ik er. Een totale stilte in de nacht en enorme oppervlaktes houten vloeren. Geen water niets. En de geur van de cacao.
Ik herinner dit mij dit als de angstigste nachten in mij leven.”

JANO VAN GOOL

Waar was je op 25 juni ‘88 : “Voor de buis.”

In Wilhelmina sinds:

JUNI 1988

Wat trof je aan:
“Minder dan een week later zat ik in Pakhuis Wilhelmina. Het pand was nog grotendeels leeg, Harm, e?e?n van de eerste krakers, zei tegen me: “Neem jij de zolder onder je hoede en zoek er mensen bij om de ruimte te vullen.” Toen ik boven op zolder kwam, trof ik 3 gigantische lege ruimtes van 500m2 elk aan, ik zocht een mooi plekje bij de openslaande deuren om mijn matje uit te rollen en daar sliep ik die eerste weken in m’n eentje op die grote lege zolder op dezelfde plek waar nu nog mijn atelier is. Er was nog helemaal niets behalve de zware lucht van cacaogeur uit de porie?n van de dikke zolderbalken. In de loop van zomer vulde de zolder zich langzaam met
mijn studievrienden van de Rietveld Academie.”

MICHIEL

In Wilhelmina sinds:

APRIL 1989

Waar was je op 25 juni ‘88:
25 juni 1988 woonde ik in Budapest, Hongarije

Wat trof je aan:
De omgeving was nog woest en ledig. Veel vrijheid en mogelijkheden, waarvan we toen optimaal gebruik van hebben gemaakt.

Herinnering: Het Java eiland was op een gegeven moment helemaal kaalgemaakt en in afwachting van nieuwe bebouwing. Daardoor had je vanuit Wilhelmina spectaculair uitzicht over het IJ en Amsterdam Noord. Op enig moment lag er plotseling een gigantisch roestig stalen schip midden in beeld. Een koopvaardijschip aan de ketting, heeft er nog maandenlang gelegen. Heel ander gezicht dan de cruiseschepen van nu, maar even zo kolossaal.

NIELS VELDT

In Wilhelmina sinds:

NOVEMBER 1988

Waar was je op 25 juni ‘88:
Ik was destijds student aan de Rietveld Academie. Op 25 juni 1988 was had ik een klusje via het studentenuitzendbureau. Het leeghalen van een woonboot die een aantal maanden op de bodem had gelegen aan de Prins Hendrikkade. De boot was net een paar dagen boven water. De eigenaar was een joegoslavische kunstenaar, en vooral zijn atelier in het onderdek moest worden leeg geruimd. Alles zat onder de modder en de druppels drek dropen nog door het plafond, ik had er al snel geen zin meer in. maar na een paar glazen slivovic ben ik er toch mee door gegaan. Het was stil in de stad toen ik terug naar huis fietste.

Wat trof je aan:
De afdeling audio-visueel had, via een paar oud-studenten die al in Pakhuis Wilhelmina zaten, een leegstaande ruimte op de zolderverdieping gehuurd. Ik zat bij het eerste groepje dat daar gebruik van mocht maken, de bijdrage per student was 25 gulden per maand. De ruimte was toen nog geheel open en iedereen had een eigen hoek waar die zijn dingen deed. Toen de ruimte op zolder naast ons vrij kwam (500m2), hebben we met een paar mensen stichting “In Kapitale” opgericht en zijn die ruimte gaan huren. Elke maand vond er een huurdersvergadering plaats, dan maakte je nog eens wat mee.

VINCENT

In Wilhelmina sinds:

JUNI 88

Waar was je op 25 juni ‘88:
Ik liep met bladen bier in en uit cafe de hoogte. Op het moment van het cruciale doelpunt ben ik met een vol blad, in het kelder luik gestapt.

Wat trof je aan:
Mooie donkere Imponerend ruimtes. Groot, met oude eikenhouten balken en gekke gei?mproviseerde keukentjes van gasbeton blokken.
Ik had een artist in residence plek waar een zuipende schilderende rus bivakkeerde die op een tafel sliep. Toen ik daar op een gegeven moment
’s middags binnen kwam schoot als hij als een soort monster van Frankestein overeind. Een huiveringwekkende ervaring. Deze gast-kunstenaars hebben mijn fascinatie voor oost europa getriggerd en de loop van mijn verdere leven bepaald.

CARMEN FREUDENTHAL

In Wilhelmina sinds:

JULI 1988

Waar was je op 25 juni ‘88:
Ik stond in de doka op de Rietveld Academie mijn eindexamen werk af te drukken.
Ik had geen idee wat er gaande was. Toen ik om 10 uur ‘s avonds thuis kwam werd ik door mijn marokaanse beneden buurman gefeliciteerd. De volgende dag begreep ik pas waarom. 

Wat trof je aan:
Een groot schijnbaar onbewoond gebied vlak achter de bewoonde wereld. Er is nog jarenlang een soort wegrestaurant gebleven, op de plek waar nu chicago staat en waar een stel elke dag de frituur nog aanzette. Totaal vaag voor wie ze dat deden. Samen met collega Elle heb ik daar vaak gezeten om inspratie uit het bier te halen. We waren altijd de enige.